Ruimtetelescoop Euclid moet ‘ont-ijst’ worden

Wetenschappers die betrokken zijn bij de Europese Euclid-missie proberen een dun laagje ijs kwijt te raken dat in toenemende mate het zicht van deze uiterst gevoelige ruimtetelescoop vertroebeld. Euclid werd in juli gelanceerd om meer te weten te komen over de aard van de raadselachtige donkere materie en donkere energie, waarvan wordt aangenomen dat ze 95 procent van het heelal uitmaken. 

Tijdens controles die onlangs werden uitgevoerd, merkte het Euclid-team dat er wat minder licht de telescoop binnenkwam dan verwacht. Na zich in het probleem te hebben verdiept, denkt men nu dat zich een uiterst dun, maar zeer hinderlijk, laagje ijs op de optische elementen van de telescoop heeft afgezet. 

Bij de montage van een ruimtevaartuig komt er altijd wel een beetje waterdamp binnen. En eenmaal blootgesteld aan de koude ruimte, vriezen deze watermoleculen vast aan het eerste oppervlak dat ze tegen komen – in dit geval de optiek van Euclid. 

Kort na de lancering van de ruimtetelescoop probeerden wetenschappers dit effect tegen te gaan door de verwarmingselementen aan boord aan te zetten. Dit werkte, en zou kunnen worden herhaald, maar het verstoort het onderzoeksprogramma van Euclid. Omdat de meeste materialen uitzetten door opwarming, zou de ruimtetelescoop dan namelijk opnieuw moeten worden gekalibreerd – een klus die zeker een maand in beslag neemt. 

Lees verder op: Astronomie.nl

34
Deel dit artikel